De EU heeft het gebruik verboden van een aantal pesticiden waarvan is vastgesteld dat ze ernstige schade toebrengen aan de menselijke gezondheid en het milieu. Echter, bedrijven mogen deze gevaarlijke pesticiden nog steeds in de EU produceren voor export naar andere landen met zwakkere regelgeving, waardoor de volksgezondheid en het milieu gevaar lopen. De EU staat ook de import toe van voedsel en landbouwproducten die geteeld zijn met pesticiden die in de EU zelf verboden zijn., Daardoor worden Europese consumenten blootgesteld aan cocktails van gevaarlijke residuen en onstaat oneerlijke concurrentie voor Europese boeren. De afgelopen jaren hebben alle EU-instellingen erkend dat er hier met twee maten wordt gemeten. Als de EU het gebruik van bepaalde pesticiden verbiedt omdat ze te gevaarlijk blijken te zijn voor Europese burgers, zou ze niet mogen toestaan dat bedrijven ze blijven produceren voor de export. Ook zou ze de import van voedsel dat geproduceerd en besmet is met deze stoffen niet mogen toelaten.
Giftige handel: de EU exporteert pesticiden waarvan bewezen is dat ze te gevaarlijk zijn voor gebruik op de eigen velden
» Mazen in de EU-wetgeving betekenen dat chemische bedrijven zoals Bayer en Syngenta
pesticiden voor de export kunnen blijven produceren in de EU, lang nadat het gebruik
ervan is verboden om het milieu of de gezondheid van de burgers te beschermen.
» In 2022 stond de EU de export toe van meer dan 120.000 ton pesticiden die verboden
zijn op Europese boerderijen vanwege de gevaren die ze vormen voor de menselijke
gezondheid en de natuur.
» Dit is een stijging van 50% vergeleken met de hoeveelheid verboden pesticiden die
werden aangemeld voor export vanuit de EU in 2018. Dit ondanks het feit dat het VK,
dat inmiddels uit de EU is gestapt, 40% van de export voor zijn rekening nam. Hiermee
rekening houdend is de uitvoer van verboden pesticiden uit de EU tussen 2018 en 2022
met 175% gestegen.
» In totaal werden in 2022 meer dan 50 verschillende werkzame stoffen van pesticiden die
verboden zijn om de menselijke gezondheid of het milieu te beschermen, vanuit de EU
geëxporteerd.
» 1,3-Dichloorpropeen (1,3-D), een bodemontsmettingsmiddel dat is geclassificeerd als
waarschijnlijk kankerverwekkend, werd het meest geëxporteerd. Het werd verboden in de
EU vanwege bezorgdheid over risico’s voor de fauna en het grondwater.
» Het op één na grootste exportproduct was cyaanamide, een groeiregulator waarvan
wordt vermoed dat het kanker veroorzaakt en de vruchtbaarheid schaadt. Dit product
werd verboden vanwege «duidelijke aanwijzingen» dat het schadelijke effecten heeft op
de menselijke gezondheid en in het bijzonder op de gezondheid van operatoren.
» Enkele andere van de meest geëxporteerde en gevaarlijke middelen waren :
x Bijendodende neonicotinoïde insecticiden, die zijn geïdentificeerd als een
belangrijke factor in de wereldwijde achteruitgang van bijen en andere bestuivers;
x Mancozeb, een fungicide dat in 2020 werd verboden nadat het giftig bleek te zijn
voor de menselijke voortplanting en een hormoonverstoorder;
x Diquat, een acuut giftige onkruidverdelger, dat onlangs betrokken bleek te zijn bij
vergiftigingen onder de boerenbevolking in Brazilië;
x Chloorpyrifos, een verboden pesticide dat in verband wordt gebracht met
hersenschade bij kinderen;
x Chloorthalonil, een chemische stof die verboden is omdat deze het grondwater
kan verontreinigen en kanker kan veroorzaken.
» Zoals de voormalige Eurocommissaris voor Milieu, Virginijus Sinkevičius, benadrukte,
kunnen deze chemische stoffen «dezelfde schade aan de gezondheid en het milieu
toebrengen, ongeacht waar ze worden gebruikt».
» In feite was het overgrote deel van de export van door de EU verboden pesticiden bestemd
voor lage- en middeninkomenslanden (LMIC’s) zoals Marokko, Zuid-Afrika, India, Mexico,
Vietnam, Peru, de Filippijnen of Brazilië, waar het risico van blootstelling van mens en
milieu «bijna zonder uitzondering» veel hoger is dan in de EU, zoals VN-agentschappen
hebben gewaarschuwd. In deze landen zullen de gevaarlijke pesticiden die in de EU
verboden zijn verwoestende gevolgen hebben voor zowel de menselijke gezondheid als
het milieu.
» In een verklaring van 35 deskundigen van de Mensenrechtenraad van de Verenigde
Naties van juli 2020 werd benadrukt dat «de praktijk dat rijke landen hun verboden giftige
stoffen exporteren naar armere landen, die niet in staat zijn om de risico’s te beheersen,
afkeurenswaardig is en moet stoppen». De experts waarschuwden dat de «gevolgen voor
de gezondheid en het milieu» worden geëxternaliseerd «naar de meest kwetsbaren»,
vooral «gemeenschappen van Afrikaanse afkomst en andere mensen van kleur».
» Zoals blijkt uit een recent onderzoek in Frankrijk, heeft deze giftige handel niet alleen
nadelige gevolgen voor de importerende landen. Het heeft ook ernstige gevolgen voor
het milieu en de bevolking die woont rond fabrieken die deze gevaarlijke chemicaliën in
Europa blijven produceren. Het water rond een BASF-fabriek in Frankrijk bleek bijvoorbeeld
vervuild te zijn met residuen van fipronil met niveaus die 336 keer hoger lagen dan de
drempelwaarde die als veilig voor het milieu wordt beschouwd. Fipronil is sinds 2004
verboden in Frankrijk, maar BASF blijft het produceren in zijn fabriek in Seine-Maritime.
Verboden pesticiden op ons bord
» De EU staat ook de import toe van voedsel en landbouwproducten die geteeld zijn met
pesticiden die op de eigen velden verboden zijn. Dit creëert oneerlijke concurrentie voor
boeren in de EU die – terecht – deze chemicaliën niet meer mogen gebruiken, maar worden
geconfronteerd met geïmporteerde producten die onder veel minder strenge voorwaarden
worden geteeld. Het geeft ook aanleiding tot bezorgdheid over de gezondheid van
Europese consumenten, die uiteindelijk worden blootgesteld aan residuen van gevaarlijke
pesticiden die in de EU zijn verboden in hun dagelijkse voeding en dranken.
» Door mazen in het pesticidenbeleid van de EU hebben momenteel ongeveer 65 door
de EU verboden pesticiden een maximumresidugehalte (het hoogste wettelijke niveau
voor een pesticidenresidu in voedsel dat veilig wordt geacht voor consumenten) boven
nul (d.w.z. boven de vastgestelde detectielimiet). Dit betekent dat residuen van deze
gevaarlijke pesticiden die in Europa verboden zijn, nog steeds wettelijk zijn toegestaan
in geïmporteerd voedsel. Als gevolg hiervan staat de EU in feite het gebruik ervan in
verhandelde producten toe.
» In 2022 werden in totaal 53 verschillende door de EU verboden pesticiden aangetroffen in uit
derde landen geïmporteerd voedsel. Producten met hogere verontreinigingspercentages
waren thee (42%), koffie (25,6%), peulvruchten (16,6%) en specerijen (15,8%).
» Tot de meest gedetecteerde chemicaliën behoorden imidacloprid, thiamethoxam en
clothianidin. Deze drie bijendodende en neurotoxische neonicotinoïde insecticiden
werden gedetecteerd in bijna 500 monsters van geïmporteerde voedselproducten die in
2022 door de EU-autoriteiten werden geanalyseerd. Carbendazim, een schimmeldodend
middel dat is geclassificeerd als mutageen en giftig voor de voortplanting, is dat jaar ook
één van de meest aangetroffen verboden pesticiden in geïmporteerd voedsel.
» Ironisch genoeg werden deze vier verboden pesticiden, die in 2022 het vaakst werden
aangetroffen als residuen in geïmporteerde voedingsmiddelen, in datzelfde jaar ook
geëxporteerd door de EU. Als een boemerang vinden deze verboden pesticiden die in de
EU zijn geproduceerd hun weg terug naar Europa via geïmporteerd voedsel.
» De ingevoerde levensmiddelen die het vaakst residuen van in de EU verboden pesticiden
bleken te bevatten, kwamen uit India, Uganda, China, Kenia, Brazilië, Egypte, Vietnam,
Thailand, Costa Rica, Zuid-Afrika, Marokko, Peru en Turkije. Deze LMIC’s maakten allemaal
deel uit van de bestemmingen waarnaar de EU in 2022 verboden pesticiden exporteerde.
» Volgens Sue Longley, algemeen secretaris van de International Union of Food and
Agricultural Workers (IUF) «is het zeer zorgwekkend dat landarbeiders in de landen waar
fruit en groenten worden verbouwd nog steeds met deze pesticiden moeten werken en
daarbij hun gezondheid en zelfs hun leven riskeren»
Onvervulde beloftes
De Europese Commissie (EC) had in 2020 toegezegd dat de EU «het goede voorbeeld zal
geven en, in overeenstemming met internationale verplichtingen, ervoor zal zorgen dat
gevaarlijke chemische stoffen die in de Europese Unie verboden zijn, niet voor de export zullen worden geproduceerd, onder meer door indien nodig de desbetreffende wetgeving
te wijzigen». De Commissie had aangekondigd dat ze tegen 2023 met een wetgevend
voorstel zou komen.
» De belofte van de Europese Commissie om de export van gevaarlijke chemische
stoffen die verboden zijn in de EU te verbieden, werd verwelkomd door honderden
maatschappelijke organisaties in een gezamenlijke verklaring. Daarnaast schreven bijna
70 Europarlementariërs een brief aan de voorzitter van de Commissie, waarin ze haar
belofte om een einde te maken aan deze praktijk verwelkomden, maar benadrukten dat
«concrete acties dringend nodig zijn». Het initiatief werd ook uitdrukkelijk verwelkomd
door de Europese Raad in maart 2021.
» Maar hoewel de Commissie voorbereidend werk heeft gedaan, een openbare raadpleging
heeft georganiseerd en een effectbeoordeling heeft laten uitvoeren, is zij haar belofte om
in 2023 met een wetgevingsvoorstel te komen niet nagekomen. Hierdoor mogen bedrijven
elk jaar steeds grotere hoeveelheden verboden pesticiden uit de EU blijven exporteren.
» In juni 2024 benadrukte de Europese Raad dat «de Commissie niet volledig werk heeft
gemaakt van de EU-strategie voor chemische stoffen […] die opkomende chemische
risico’s en nieuwe gezondheids- en milieuproblemen aanpakt, en die de productie voor
de uitvoer van schadelijke chemische stoffen die in de EU niet zijn toegestaan, verbiedt».
De Raad drong er bij de Commissie op aan «om een hoog ambitieniveau te behouden
bij de uitvoering van de EU-strategie». Een petitie met momenteel meer dan 300.000
handtekeningen, waarin geëist wordt dat de EU stopt met de export van verboden
chemische stoffen, werd overhandigd aan de Europese Commissaris voor Milieu.
» Ondertussen hebben sommige lidstaten het voortouw genomen. Frankrijk heeft een
baanbrekende wetgeving aangenomen die de uitvoer van verboden pesticiden verbiedt en
die in 2022 in werking is getreden. België heeft een vergelijkbare wetgeving aangenomen
die in mei 2025 in werking trad. De reikwijdte van deze wetgeving varieert echter, en
er zijn mazen in de wet. Ook kunnen deze nationale maatregelen worden omzeild door
grote agrochemische bedrijven, die fabrieken en dochterondernemingen hebben in heel
Europa.
» De EC heeft ook erkend dat de invoer van voedsel dat is behandeld met pesticiden die in
de EU verboden zijn, in strijd is met «de verwachtingen van de consument» en negatieve
effecten heeft op het «concurrentievermogen van de landbouw in de EU» en op de
bevolking en het milieu van de landen waar dat voedsel wordt geproduceerd.
» Na de evaluatie van de Pesticiden- en MRL-verordening (Maximum Residue Levels)
beloofde de Europese Commissie in haar verslag aan het Europees Parlement en de
Raad om enkele mazen in de EU-wetgeving aan te pakken, die residuen van verboden
pesticiden in ingevoerde voedingsmiddelen toelaten. In het bijzonder zei de Commissie
dat ze rekening zou houden met «milieuaspecten» bij het beoordelen van aanvragen voor
zogenaamde invoertoleranties. De Commissie heeft ook toegezegd invoertoleranties te
herzien «voor stoffen met een hoog risico voor de menselijke gezondheid».
» In 2023 heeft de Commissie vooruitgang geboekt en besloten om de MRL’s te verlagen
van twee neonicotinoïde pesticiden, clothianidin en thiamethoxam, die verboden waren om milieuredenen, namelijk onaanvaardbare risico’s voor bijen. Residuen van veel andere
pesticiden die om milieuredenen verboden zijn, zijn echter nog steeds toegestaan in
ingevoerde voedingsmiddelen. Tegelijkertijd doet de Commissie nog steeds voorstellen
om voedsel-importen toe te staan die residuen bevatten van pesticiden die verboden zijn
om de menselijke gezondheid te beschermen
Dubbele standaarden: tijd om te handelen!
De Europese Commissie moet nu haar belofte nakomen om een einde te maken aan de
dubbele standaarden in de handel in pesticiden! Zij moet met een wetgevingsvoorstel
komen om de export te verbieden van alle pesticiden die in de EU verboden zijn om de
menselijke gezondheid en het milieu te beschermen, en actie te ondernemen om de
import te verbieden van voedsel dat met deze chemicaliën is gemaakt.
» De conclusies van de Strategische Dialoog over de toekomst van de landbouw in de EU –
die in januari 2024 werd gelanceerd door de voorzitter van de Europese Commissie Ursula
von der Leyen, en waaraan werd deelgenomen door belanghebbenden uit de Europese
landbouw- en voedingssector, het maatschappelijk middenveld, boerenorganisaties,
plattelandsgemeenschappen en de academische wereld – ondersteunen een verbod op
de «uitvoer van binnen de EU verboden gevaarlijke pesticiden naar landen met minder
strenge regelgeving», evenals «een betere afstemming van de importen op de voedsel- en
landbouwnormen van de EU».
» In haar op 19 februari 2025 gepubliceerde Visie voor landbouw en voedsel heeft de
Commissie zich ertoe verbonden maatregelen te nemen om ervoor te zorgen «dat de
gevaarlijkste pesticiden die in de EU om gezondheids- en milieuredenen verboden zijn,
niet opnieuw de EU mogen binnenkomen via ingevoerde producten» en ook om «de
kwestie van de uitvoer van gevaarlijke chemische stoffen, waaronder pesticiden, die in de
EU verboden zijn» aan te pakken.
» In december 2024 sloten Oostenrijk, Frankrijk, Luxemburg, Nederland, Noorwegen
en Zweden zich aan bij een brief van Denemarken aan de nieuwe Commissaris voor
Milieu, Jessika Roswall, waarin ze eraan herinnerden dat de Commissie «de strategie
voor chemische stoffen niet volledig heeft uitgevoerd» en waarin ze opriepen om «een
einde te maken aan de export van gevaarlijke chemische stoffen die in de Europese Unie
verboden zijn».
» Tijdens de Milieuraad verklaarde de Deense minister Magnus Heunicke het volgende: «Ik
geloof dat we een morele en ethische verantwoordelijkheid hebben om de gezondheid
van mensen en het milieu te beschermen, niet alleen in de EU maar ook buiten de Unie.
Het is gewoon niet juist om chemische stoffen naar derde landen te exporteren waarvan
we hebben vastgesteld dat ze te gevaarlijk zijn voor onze eigen burgers. Niemand kan dit
rechtvaardigen. Er moet een einde aan komen.»
» In januari 2025 zei de Luxemburgse minister van Landbouw Martine Hansen, gesteund
door zes andere landen waaronder Frankrijk en Spanje, dat ze zal aandringen op het
beëindigen van invoertoleranties voor pesticiden die in de EU verboden zijn, volgens een [ 6 ]
notitie die Politico heeft gezien. «Als ze te gevaarlijk zijn voor Europa, mogen ze ook niet
in geïmporteerde producten voorkomen. » De nieuwe landbouwcommissaris, Christophe
Hansen, heeft onlangs ook opgeroepen tot een strengere aanpak van residuen van
pesticiden in geïmporteerd voedsel.
» Zoals blijkt uit het voorbeeld van Frankrijk en een studie van Le Basic van april 2024,
zou een verbod op de export van verboden pesticiden de werkgelegenheid niet in
gevaar brengen en de economie in Europa niet belasten, in tegenstelling tot wat de
pesticidenlobby beweert. Tegelijkertijd zou het stopzetten van de export van door de EU
verboden pesticiden een sterk en positief effect hebben op de volksgezondheid en het
milieu in de importerende landen.
» Een verbod op deze export zou ook in overeenstemming zijn met de regels van de
Wereldhandelsorganisatie (WHO), zoals blijkt uit een onlangs gepubliceerd juridisch
advies van Andrea Hamann, professor in de rechten aan de Universiteit van Straatsburg.
» In december 2024 onderschreven beleidsmakers, onderzoekers en vertegenwoordigers
van maatschappelijke organisaties van over de hele wereld een verklaring tijdens een
conferentie van het Europees Parlement die mede was georganiseerd door de International
Pesticide Standard Alliance (IPSA), waarin werd opgeroepen tot de dringende uitbanning
van zeer gevaarlijke pesticiden (HHP’s). De ‘verklaring van Brussel’ benadrukt de ernstige
schade die deze pesticiden toebrengen aan de menselijke gezondheid en het milieu,
vooral in landen in het Zuiden waar de blootstelling onevenredig hoog is.
» We doen een zeer dringend beroep op de Europese Commissie om haar belofte na te
komen en er onverwijld voor te zorgen dat alle pesticiden die in de EU verboden zijn om
de menselijke gezondheid en het milieu te beschermen, ook niet meer geproduceerd en
geëxporteerd mogen worden en dat residuen van deze giftige chemicaliën niet worden
toegelaten in geïmporteerd voedsel. Hier is overweldigende steun voor!
Aanvullende maatregelen ter ondersteuning van een
wereldwijde transitie
Een verbod op de export en import van verboden pesticiden is een belangrijke eerste stap, maar
moet worden aangevuld met andere maatregelen:
» We roepen de Europese Commissie op om haar belofte na te komen om «actief in gesprek
te gaan» met handelspartners, vooral met landen uit het Zuiden, «om de overgang naar
een duurzamer gebruik van pesticiden te begeleiden om verstoringen van de handel te
voorkomen en alternatieve gewasbeschermingsmiddelen en -methoden te bevorderen».
Boeren in lage- en middeninkomenslanden moeten worden gesteund in hun overgang
van gevaarlijke chemicaliën naar veilige en duurzame alternatieven, met name Integrated
Pest Management, Integrated Weed Management, agroforestry en agro-ecologie, om
ervoor te zorgen dat ze niet worden blootgesteld aan een hoger risico op oogstverliezen
en niet worden gedwongen om die gevaarlijke chemicaliën ergens anders te kopen
Daarnaast roepen we de Europese Commissie op om ervoor te zorgen dat de verkoop
van pesticiden volledig onder het toepassingsgebied van de richtlijn inzake zorgplicht
van bedrijven op het gebied van duurzaamheid valt. Europese fabrikanten die enorme
winsten maken met de verkoop van gevaarlijke, verboden chemicaliën in lage- en
middeninkomenslanden, produceren ook een enorme hoeveelheid van deze producten
buiten Europa, waarvan de verkoop niet beïnvloed zal worden door een exportverbod in
de EU.
» We roepen de Europese Commissie ook op om de toezegging van de EU na te
komen om «al haar instrumenten op het gebied van diplomatie, handelsbeleid en
ontwikkelingshulp in te zetten» om de «uitfasering» van het gebruik van pesticiden die
niet langer zijn goedgekeurd in de EU te bevorderen en «wereldwijd stoffen met een laag
risico en alternatieven voor pesticiden te promoten». Dit kan worden bereikt door deel
te nemen aan de internationaal overeengekomen en binnenkort op te richten Global
Alliance on Highly Hazardous Pesticides, die tot doel heeft zeer gevaarlijke pesticiden
in de landbouw geleidelijk uit te bannen en een overgang naar veiligere alternatieven te
bevorderen.
» Verder roepen we de EU op om alles te doen wat in haar macht ligt om bij te dragen
aan een efficiëntere werking van het Internationale Verdrag van Rotterdam. Het Verdrag
lijdt momenteel aan «een verlamming», omdat een handvol landen hardnekkig het op de
lijst zetten van nieuwe gevaarlijke chemische stoffen blokkeert, «ondanks de wens en
de inspanningen van de meerderheid van de partijen om het Verdrag van Rotterdam te
versterken»
